Beplanting van de begraafplaats

Als landschapsarchitect schonk Rosseels veel aandacht aan de beplanting van het kerkhof. De hoofdassen achter de toegangspoorten werden met rode beuken beplant. In het midden van de nieuwe ronde erepleinen werden beplant met een Sequoiadendron giganteum, een soort reuzeconifeer uit Californië.
Op de kruisingen van de paden werden vanwege de rouwsymboliek treurbomen geplaatst: zoals treurwilgen, treuressen en treurberken. 

Langs de meeste paden staan cypressen, die traditioneel op alle kerkhoven staan: de rouwsymboliek van deze boom wordt in verband gebracht met een Griekse sage, waarin verhaald wordt van de jongeling Kuparissos. Hij had een tam hert gedood en smeekte Apollo om eeuwig te mogen treuren, waarop die hem in een Cypres veranderde; de naam van deze boom is ook van Kuparissos afgeleid.