De eerste begrafenis

De begraafplaats werd op 27 januari 1812 gewijd door pastoor Partorius van de St. Servaaskerk en op 14 februari van dat jaar vond de eerste begraving plaats van Catherina Willems-Zeekaf. Aan deze eerste begrafenis herinnert thans nog een kleine hardstenen obelisk nabij de ingang van de begraafplaats.

Klassieke graftombes en -markeringen uit de eerste helft van de negentiende eeuw,rechts van de hoofdingang van de begraafplaats aan deTongerseweg, getekend door Philippus van Gulpen omstreeks 1850 (herkomst afbeelding:gemeentearchief Maastricht).

De uitgevoerde begraafplaats was aan de Tongerseweg 50 meter breed en had een lengte van 100 meter; de woning van de doodgraver werd nu in het midden van de muur langs de Tongerseweg gebouwd. Deze woning met poortdoorgang staat nog steeds aan de hoofdingang van de begraafplaats. De hardstenen poort is gedecoreerd met een blokmotief, dat sterk gelijkt op de poorten van het Generaalshuis aan het Vrijthof, dat vijf jaar eerder is ontworpen. Het rechterdeel van het poorthuis was bestemd voor de woning van de doodgraver en in het linkerdeel was een kapel ingericht.

Achter de ingang van de begraafplaats lag een smalle strook die gereserveerd was voor de Lutheranen aan de linkerzijde en voor de gereformeerden aan de rechterzijde; deze zone was door een haag gescheiden van het katholieke gedeelte, dat daarachter lag.